Marco's
reisverslagen zijn stuk voor stuk heel indrukwekkend, en daarom
onverkort overgenomen. Dit verslag stond in 'Tifosi' het fanclubblad van Marco. |
| Terug naar reisverslag Kosovo |
Marco Borsato's
bezoek aan oorlogskinderen in Eritrea Zaterdag 15 februari
Het evenement duurt
uren, tot in de
vroege middag, en terwijl het water tappelings van me af loopt
en wij constant water drinken op om de been te blijven, lijken de
kinderen
daar
nauwelijks last van te hebben. Zo springen ze vrolijk rond in 36
graden in de schaduw. Het evenement eindigt met een vlaggendans
met linten waaraan
ik enthousiast mee doe.
Al bij de eerste
tent komen we tot stilstand. We worden uitgenodigd met handgebaren
in
voor ons onverstaanbaar
Tigri om een kopje thee te komen drinken. Dit begrijpen we
uit de gebaren en vinden het aanbod zo bijzonder dat we erop in
gaan We
mogen in de
tent op een van de vele bedden plaatsnemen rond een petroleumstelletje
waar al snel een kind (blijkt later nichtje) bijkomt die
thee voor ons gaat zetten. Alle communicatie verloopt met handgebaren
en
glimlachjes. Vervolgens wordt de gastvrijheid steeds groter
en
na twee koppen
mierzoete anijsthee wordt er een heuse Coffeé Ceremonie
voor ons georganiseerd. Dit is een zeer traditioneel Eritrees
gebruik
waarbij verse koffiebonen
voor je neus worden gebrand en gestampt en vervolgens verwerkt
tot heerlijke verse koffie. Het hele proces duurt even, maar
het is het
wel waard en
je behoort drie kopjes te drinken voordat de ceremonie klaar
is. Bij deze koffie wordt popcorn geserveerd, ook traditioneel.
Ik ben
geraakt
door het feit dat mensen die zo weinig hebben en zo uitzichtloos
leven de vriendelijkheid hebben om wildvreemden te laten
meedelen in het enige
dat ze hebben. Er wordt hier een gastvrijheid tentoongesteld
waar je als westerling verlegen van wordt. Wanneer nodigen
wij nu een
wildvreemde
buitenlander uit voor de koffie? Gelukkig had we een aantal
traditionele Nederlandse cadeautjes bij ons, dus lieten we
Delfts blauwe klompjes
achter, een zeer klein gebaar tegenover deze overweldigende
gastvrijheid. Maandag 17 februari
Dinsdag 18 februari
Na de lunch vallen we midden in een wilde danssessie die eigenlijk de lunchpauze van de workshopleaders behoort te zijn, maar iedereen staat in de workshoptent op Eritrese muziek helemaal uit hun dak te gaan. 's Middags doe ik voor het eerst zelf actief mee in de workshop, workshopleader Jonas leert de kinderen emoties na te bootsen in een activiteit die spiegelen heet. De kinderen moeten elkaar nadoen terwijl ze diverse emoties uitbeelden. Zo moet ik spiegelen met Lia, een meisje van 8 die me eerst heel blij en later verdrietig laat kijken en me uiteindelijk laat brullen als een leeuw. Ze vindt het duidelijk geweldig dat die vreemde man van buiten exact moet doen wat zij bepaalt. De doelen van deze activiteit zijn het herkennen van emoties, het opbouwen van het zelfvertrouwen en bevorderen van de concentratie. Het is ook opvallend om te zien dat tijdens de workshops geen enkele kind zich laat afleiden door de aanwezigheid van vreemden of de camera’s. Terwijl je buiten je camera maar hoeft te laten zien en er staan meteen 40 kinderen om je heen te springen! Een ongeposeerde foto nemen is een hele uitdaging! De workshop bevat in het totaal iets van 6 verschillende activiteiten, dus we doen ook nog ‘zoek de bal’, ‘geef een onzichtbaar voorwerp door', en als laatste een soort zing-muziek-spel, wat ik thuis op het volgende kinderpartijtje van Luca zeker ga herhalen.
Na de workshop doen we nog enkele interviews en tussendoor besluiten we even snel een cola te gaan halen in een golfplaten geïmproviseerd barretje. Ze proberen hier de drankjes koel te houden door deze in een jute zak in de grond te bewaren. Nadat de cola al besteld is en half opgedronken worden we aangesproken door een zeer vriendelijke oudere Eritreese man, die wil weten waar we vandaan komen en er vervolgens op staat om onze cola te betalen. Dit is volgens hem Eritrees gebruik en we kunnen er niets tegen inbrengen, wederom een staaltje Eritreese gastvrijheid waar wij niet aan kunnen tippen. De man blijkt de plaatselijke apotheker en we zijn hem nog even gaan opzoeken in zijn ‘apotheek’ waar we foto’s van zijn kinderen hebben bewonderd. De dag eindigt met een voetbalcompetitie die in de zinderende hitte niet onderdoet voor een professioneel WK, vooral de voetballende meisjes met hoofddoekjes op blote voeten maken grote indruk op mij. Ook nu moeten we ons weer haasten om bijtijds de Temporarily Security Zone uit te zijn. 's Avonds nuttig ik een koud biertje in het teamhuis waar ik onder toeziend oog van drie lokale vrouwelijke workshopleaders popcorn heb gemaakt. Iedere avond kookt Minia voor ons een Eritrees gerecht wat mij meer dan smaakt, vervolgens spenderen we de avond met het uploaden van foto’s, terugkijken van filmbeelden en discussies over de inhoud van de documentaire. Tegen twaalven wordt meestal pas de balans opgemaakt en het schema voor de laatste draaidag definitief besloten. Woensdag 19 februari ‘Er waren twee herders met stokken, en die kregen ruzie over de rivier. En toen gingen ze zwaaien met hun stokken en dat werden geweren. En toen kwamen de vliegtuigen en die gooiden bommen en toen was het oorlog’. Tidrost woont nu ruim 3 jaar in het kamp in May Wurrai met zijn moeder en grootmoeder en zusjes. Het leven voor kinderen in dit kamp is zwaar, het merendeel van de dag bestaan uit overleven: zoeken naar hout en halen van water, maximaal twee jerrycans per dag. Totdat War Child in dit kamp kwam werken ruim 5 maanden geleden, werd er nauwelijks gespeeld. De kinderen zaten passief onder bomen of waren aan het werk. Het is fantastisch om te zien dat na 5 maanden werken in dit kamp het effect op de gemeenschap merkbaar is. Zo vertelde de oma van Tidrost me dat als zij de klanken van muziek of spel vanuit het open veld hoorde komen tijdens de War Child activiteiten, ze zelf het liefst er naar toe zou gaan om zelf ook mee te doen. Ze is echter niet meer goed genoeg ter been om te gaan kijken. 's Middags zien we een fantastische schilderworkshop waar het me vooral opvalt hoe doodstil en geconcentreerd de kinderen worden zodra ze met de kwast aan de gang mogen, ruim 30 minuten lang kon je een speld horen vallen in een stoffige tent van doeken en golfplaten . We
moeten helaas vroeg weer de auto in naar Asmara omdat de ploeg die
avond terugvliegt
naar Nederland. En tevens moet ik enkele journalisten ophalen die de
volgende twee dagen met me mee zullen reizen, naar weer andere workshop
locaties van War Child. Donderdag 20 februari
Vrijdag 21 februari
Ik neem de journalisten ook
mee op een wandeling door het kamp en beantwoord veel van hun vragen,
ze zijn erg onder de indruk van het leven van de 4,5 duizend mensen
in dit vervallen tenten kamp. We rijden later op de dag door naar
Tsorona
waar die dag geen activiteiten van War Child plaatsvinden, maar waar
we de journalisten graag willen laten zien wat de Nederlandse gemeenschap
heeft gedaan voor de wederopbouw van dit frontlinie plaatsje. Zo bezoeken
we The Hague Square, en bekijken we de wederopbouw projecten die nog
steeds gaande zijn. Het plaatsje maakt nog steeds een bijzonder verwoestte
indruk met vele kogelgaten in de huizen en gebombardeerde marktgebouwen
en publieke instellingen. We lunchen in ons vaste plekje, een vervallen
huisje met 3 tafels en wat stoelen. We zijn blij dat ook de journalisten
mee eten met de Eritreese Enjerra, oftewel: met hun handen samen een
soort zuurdesem pannekoek met vleesvulling wegwerken, erg lekker. Op
deze laatste dag in Tsorona proef ik ook voor het eerst een Eritrees
lauw biertje die in deze hitte heerlijk smaakt.
|
| Terug
naar begin reisverslag Kosovo |
Terug
naar begin reisverslag Sierra Leone |
Terug naar begin reisverslag Eritrea |
| Marco Borsato op onderzoeksmissie in Afghanistan
|
|||
![]() |
|||
![]() ![]() ![]() |
Dag 1 We vertrekken vanuit Nederland naar Islamabad in Pakistan. Ik verheug me op deze reis en zie uit naar alle nieuwe indrukken en bijzondere ontmoetingen. Het afscheid thuis was zwaar. Ik heb mijn kinderen uitgelegd wat papa gaat doen. Jada (1) en Senna (2) begrijpen het nog niet, maar Luca (5) weet wel wat ik ga doen. Het ontroerde me toen ik zag hoe hij door zijn speelgoed struinde, op zoek naar een speelgoedje wat ik aan een kindje in de oorlog moest geven. Uiteindelijk gaf hij me een dino. “Hoeveel kindjes zijn er daar eigenlijk, papa?” wilde Luca weten. Toen ik vertelde dat er wel miljoenen zijn, keek Luca beteuterd naar zijn speelgoed. Hoe groot dergelijke aantallen zijn beseft hij nog niet, maar dat hij geen miljoenen dino’s in zijn kist had liggen, dat zag hij wel. “Dan moeten ze maar delen…” besloot Luca. Ik heb de dino in mijn koffer zitten, mijn gezin in mijn hart. Ik ben klaar voor deze reis. |
||
Het eerste bezoek dat we afleggen is aan het vluchtelingenkamp New Shamshateen, bij Peshawar (Pakistan). Tijdens de rit worden wij begeleid door twee indrukwekkende bewakers met oude kalashnikofs. Dat is een vereiste aangezien het gebied nogal wat ongeregeldheden kent door de Al Qaida bewegingen. De meeste mensen in dit kamp blijken tijdens de laatste oorlog richting Pakistan gevlucht. In deze regio bevinden zich nu nog zo’n 500.000 Afghaanse vluchtelingen, waarvan er in dit kamp ruim 60.000 wonen. De meeste vluchtelingen vertellen me dat ze graag naar huis willen, maar nog niet durven uit angst of om economische redenen nog niet kunnen. |
![]() ![]() |
||
![]() ![]() |
Dag 3 Vandaag bezoeken wij de Esmat meisjes school. Negen klassen met meisjes zijn ijverig aan het werk als wij arriveren. Het valt mij op hoe toegewijd en leergierig ze zijn en hoezeer ook deze kinderen onder de oorlog te lijden hebben gehad. Hoewel de meeste al jaren geleden zijn gevlucht, herinneren de meesten zich nog de verhalen van oorlogsgeweld en verdriet. Vooral de angst voor de oorlog zit diepgeworteld. Ik vraag ze naar hun dromen. De meeste willen dokter of leraar worden en zo later hun land helpen en eenklein meisje van acht vertelde me vol enthousiasme dat ze de eerste Afghaanse vrouw op de maan wil zijn! War Child steunt sinds 1998 de Esmat school voor gevluchte Afghaanse kinderen in Peshawar, Pakistan. |
||
| Dag 4 We vertrekken vroeg uit Islamabad en reizen via Kabul naar Herat in Afghanistan. Hier worden we hartelijk ontvangen door een het team van War Child Nederland. Het is voor mij een nieuwe ervaring om zo vroeg in een War Child project op bezoek te komen, het team is pas drie weken compleet en net aan de eerste training begonnen. Zeven geselecteerde lokale medewerkers worden opgeleid in de psychosociale grondbeginselen en het gebruik van creatieve middelen bij het helpen van kinderen. De training wordt gegeven door een ervaren War Child professionals, waarvan ik er een nog ken van een bezoek 5 jaar geleden in Kosovo. Ik word opnieuw doordrongen van het nut en de noodzaak van War Child’s programma’s. Vooral na het zien van een workshop met een groep kinderen uit Herat wordt me duidelijk hoe noodzakelijk en belangrijk dit werk hier is. Op een grote tekening mogen de kinderen associaties met alle vijf de zintuigen (zien, ruiken, voelen, proeven en horen) tekenen. Een kleintje van zeven tekent bij een negatieve reukassociatie kruitdampen uit een pistool, een ander tekent bij het zintuig ‘horen’ weer vliegtuigen met bommen… en ga zo maar door.. |
![]() ![]() ![]() |
||
![]() ![]() |
Dag 5 De volgende ochtend gaan we op pad met een organisatie die zich bezighoudt met het ruimen van landmijnen en het geven van voorlichting over de gevaren van landmijnen aan, onder andere, kinderen. Tijdens de les realiseer ik me hoe verschrikkelijk het is dat in dit land tien miljoen mijnen liggen en dat niemand meer precies weet waar. Momenteel vallen er nog ruim honderd dodelijke slachtoffers per maand, en dan hebben we het nog niet eens over de gewonden. En dan te bedenken dat nog maar tien procent van de mijnen is geruimd! ‘ s Middags arriveren we bij een orthopedisch centrum. Hier worden kinderen en volwassenen geholpen die ledematen hebben verloren. Met de weinige materialen die ze hier voor handen hebben worden stevige protheses gemaakt. Toch verzekert dit ze niet van een goede toekomst. Zo ontmoet ik een meisje dat op haar zevende op een mijn stapte en een arm en been verloor. Ondanks haar protheses heeft zij maar weinig toekomstperspectieven. Als gehandicapte zal zij waarschijnlijk geen man vinden. De discriminatie op gehandicapten is extreem groot in dit land. Volgens de traditie zorgen de kinderen later voor hun ouders. Voor dit meisje is dat nu haast onmogelijk geworden en wie zal er in de toekomst voor haar zorgen? |
||
|
Dag 6
|
![]() ![]() ![]() ![]() |
||
| Aan het eind van de dag vliegen we verder naar Kabul waar we de laatste dagen zullen doorbrengen. Het goede nieuws is dat de Nederlandse Ambassade heeft geregeld dat we morgen president Karzai mogen interviewen! | |||
|
|
![]() |
![]() |
|
|
|
Dag 7 Ik moet toegeven, ik heb slecht geslapen! Ik ben toch een beetje nerveus... Je interviewt immers niet iedere dag de president van een land! In een gepantserde jeep gaan we op weg naar het paleis van President Karzai. De ontmoeting is bijzonder spontaan. Met open armen ontvangt hij ons. Karzai kent mijn naam en de organisatie War Child. Hij vertelt wat voor effect de oorlog heeft gehad op de kinderen in zijn land. Wanneer ik hem vraag naar zijn dromen, vertelt hij me dat het zijn droom is om verlost te zijn van de oorlog en alle narigheid en te leven in een land zo vredig en mooi als Nederland. Euforisch verlaten we het paleis en vervolgen onze onderzoeksmissie door Kabul. Hier bezoeken wij de geheel verwoeste delen van de stad. Wat me vooral aangrijpt is dat vele kinderen in de resten van deze puinhopen moeten leven, in uitgebrande en kapotte huizen met geen enkele voorziening.. |
||
![]() |
![]() |
![]() |
| Dag 8 Natuurlijk kan ik dit land niet verlaten zonder me ook verdiept te hebben in de muziekcultuur dus gaan we op zoek naar jonge muzikanten in Kabul. We ontmoetten onder andere Eimal, een 19-jarige zanger die me vertelt hoe het tijdens het Taliban regime verboden was om muziek te maken in dit land. Als je gesnapt werd bij het spelen op een keyboard in je eigen huis, kreeg je stokslagen. Inmiddels gaat het beter maar er is een enorme culturele achterstand. Hij zingt een prachtig stukje voor me, heel tragisch maar buitengewoon ontroerend. Het is de laatste dag in Kabul, en met weemoed neem ik afscheid van mijn beschimmelde, vochtige herbergkamertje zonder verwarming, gelegen naast de Moskee. |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
| Dag 9 Op de lange terugreis in het vliegtuig overdenk ik mijn indrukken en merk dat ondanks de ellende en de hoeveelheid werk die hier nog verzet moet worden, het gevoel van hoop overheerst. De mensen hier willen zo graag verder en hun land weer opbouwen. Vooral als ze me over hun dromen vertellen voel ik hun kracht en hoop voor de toekomst. Deze inspiratie neem ik met me mee naar Nederland. Ik ben een schat aan ervaringen rijker en voel me een bevoorrecht mens dat ik als Ambassadeur van War Child dit soort landen mag bezoeken. Maar eerst houd ik vanavond mijn kinderen nog een keertje heel goed vast. |
||
![]() |
![]() |
|
| Terug naar reisverslag Kosovo |